Heeft u een vraag? 035 - 52 53 440

Van wijnschuur tot kwaliteitsstreek

Van wijnschuur tot kwaliteitsstreek

07-09-2009

Wie is er niet doorheen gereden, op weg naar het zuidelijkste puntje van Frankrijk of de Spaanse costa’s? Het glooiende landschap met wijngaarden zover het oog reikt. Languedoc en het aangrenzende Roussillon vormen samen, met 360.000 hectare, ’s werelds grootste wijngebied.

Ruïnes, opgekalefaterde kastelen en stokoude masses (boerderijen) verraden een bewogen geschiedenis. Languedoc is dan ook een van de oudste wijnstreken van de wereld. De Phoeniciërs plantten er zo’n 1000 jaar voor Christus de eerste wijnstokken, gevolgd door Grieken, Romeinen en Etrusken, die de wijn eveneens rijkelijk lieten vloeien.

Tot eind jaren zestig lag het accent meer op kwantiteit dan op kwaliteit. De enorme wijnplas vond zijn weg als bulk naar landen die niet veel over hadden voor een fles wijn. Ondanks het matige imago was Nederland traditioneel een van de grootste afzetmarkten. Veel vin de table of vin ordinaire uit het gebied was dun en schraal.

Een nieuwe generatie wijnboeren kwam. Met de opkomst van wijnen uit de Nieuwe Wereld moest het roer drastisch om; er werd druk geëxperimenteerd met nieuwe druivensoorten. Cabernet sauvignon, merlot, syrah, chardonnay, sauvignon blanc en viognier werden op veel plaatsen aangeplant. Vaak was dit in strijd met de regeltjes van de afzonderlijke appellations. Tot de dag van vandaag wordt deze wijn als simpele Vin de Pays verkocht, maar is wel hartstikke goed.

Andere jonge wijnboeren richtten zich daarentegen op de verbouw van traditionele lokale druiven zoals carignan, grenache noir, cinsault, picpoul, grenache blanc of muscat à petit grains. Dankzij de introductie van nieuwe technieken zoals koeling van de fermentatietanks en lage rendementen per hectare steeg de kwaliteit met sprongen. Vooral in appellations zoals Corbières, Faugères, Minervois, Saint-Chinian en de subregionale appellations, waarvan La Clape, Pic Saint-Loup en Terrasses du Larzac goede voorbeelden zijn. Het gebiedje tussen de dorpen Puéchabon, Aniane en Saint-Jean-de-Fos wordt ook wel de gouden driehoek van de Languedoc genoemd. Hier liggen de wijngaarden van Mas de Daumas-Gassac, Mas Laval, Domaine de Montcalmès, Domaine de La Grange des Pères en nieuwkomer La terrasse d’Elise. Samen met het iets verderop gelegen Mas Jullien is dit zo’n beetje de top van de Languedoc. Net als overigens Mas Champart in Saint-Chinian en Clos Marie in Pic Saint-Loup.

De instapwijnen van deze domeinen zijn nog heel betaalbaar, maar voor sommige prestigecuvées kan de flesprijs gemakkelijk oplopen tot 100 euro. Toch vinden ook deze wijnen gretig aftrek na megascores van de Amerikaanse wijngoeroe Robert Parker. Wijnverzamelaars uit de hele wereld staan in de rij voor zo’n flesje Mas de Daumas-Gassac cuvée Emile Peynaud, dat zich de duurste tafelwijn ter wereld mag noemen.

Maar kwaliteit hoeft gelukkig niet overal duur te zijn. Reken voor een goede Languedoc op 8 à 10 euro, terwijl een hele goede tussen 15 en 20 euro mag kosten. Maar dan heb je ook écht wat.

Bron: Telegraaf.nl

Naar boven